Amersfoort droeg bij aan vervolging van Joodse burgers en liet hen in de steek

Het pand aan de Lieve Vrouwestraat dat de gemeente probeerde te kopen.
Het pand aan de Lieve Vrouwestraat dat de gemeente probeerde te kopen. © Onderzoeksrapport
Amersfoort - Amersfoort heeft tijdens de oorlog weinig gedaan om Joodse burgers te beschermen. De gemeente vertoonde daarmee 'moreel laakbaar gedrag'. Dat concludeert historicus Maarten-Jan Vos in een diepgravend rapport met de titel 'Een bladzijde in de Amersfoortse joodsche geschiedenis zoo zwart als nog nimmer is voorgekomen'.
Uit het onderzoek kan geconcludeerd worden dat de gemeente Amersfoort en/of politici en ambtenaren moreel laakbaar gedrag hebben getoond, onder meer door niet te handelen waar dat wel verwacht had moeten worden. De Joodse inwoners hebben collectief geleden.
De gemeente Amersfoort deed, net als de andere Nederlandse gemeenten was opgelegd, het voorwerk dat nodig was voor de anti-Joodse maatregelen, de roof en de deportaties: het administratief en minutieus registreren van de woon- en verblijfplaats. Hoewel registratie verplicht was, deed de gemeente, in tegenstelling tot sommige andere gemeenten, niets om hier onderuit te komen.
Opvallend is dat de gemeente na de oorlog een poging deed om een Joods perceel te kopen aan de Lieve Vrouwestraat 50. "Het toont aan dat er geen morele bezwaren bestonden, in ieder geval niet bij de burgemeester, om Joods vastgoed te kopen van de roofinstanties." De burgemeester wist ongetwijfeld dat hij Joods vastgoed kocht, stelt onderzoeker Vos.

Pijnlijke betrokkenheid

Er zijn meer voorbeelden die een pijnlijke betrokkenheid van de gemeente blootleggen. Bij de herverdeling van woningen, die meestal door joden gehuurd waren, speelde burgemeester Harloff een rol. Dat blijkt uit een telegram van Kamp Amersfoort aan Westerbork dat in het dossier zit:

“Der am 2.10.42 hier festgenommene und nach dort transportierte Jude, Levie Velleman, geb. am 15.9.92 in Leeuwarden, hat den Schlüssel seiner Wohnung, Van Lenneplaan 10 in Amersfoort, mitgenommen. Ich bitte um Übersendung dieses Schlüssels weil vom Bürgermeister von Amersfoort, diese Wohnung in unseren Interesse wieder vergeben werden soll“.

Vrij vertaald en samengevat schrijft de burgemeester hier dat de gearresteerde Levie Velleman de sleutel van zijn woning aan de Van Lenneplaan 10 in Amersfoort bij zich heeft. Of hij die sleutel terug wil geven.
Gemmeker, commandant van Westerbork, antwoordde dat Velleman al gedeporteerd was. De sleutel kon niet meer geleverd worden. Levie was op het moment van schrijven inderdaad al in Auschwitz, en nog in leven, en zijn vrouw was op dat moment al vermoord.

'Pijnlijk hoe weinig begrip er was'

Het is onvoorstelbaar dat het pas een mensenleven geleden is dat zoiets mogelijk was, schrijft Vos in zijn rapport. "En als je er met de ogen van nu naar kijkt is het pijnlijk om te zien hoe weinig begrip er was voor de situatie waarin Joodse Nederlanders na de oorlog zaten en voor wat zij hadden meegemaakt. Dat gebrek aan begrip en bewustzijn was de realiteit van toen en mede de oorzaak dat er nieuwe rondes van rechtsherstel nodig bleken. Ook nu nog."
Vandaag gaat het rapport naar de gemeenteraad. Nabestaanden hebben inmiddels kennisgenomen van de inhoud. Zij beraden zich nog op een officiële reactie.
Het raakt mijn familie dit rapport te lezen omdat veel van deze geschiedenis goed verborgen is gehouden
Judith Kruithof
Een van hen is theatermaker Judith Kruithof. Zij is de kleindochter van een Joodse familie die een aantal huizen bezat die rond de oorlog zijn verkocht. Zij laat RTV Utrecht weten dat het onderzoek "nieuwsgierig" maakt. "Het raakt mijn familie dit rapport te lezen omdat veel van deze geschiedenis goed verborgen is gehouden. Door henzelf, maar ook door het Nederland van die tijd dat erg graag door wilde gaan. Er komt nog steeds veel boven tafel dat wij als nabestaanden niet hebben geweten. Iedere keer opnieuw pas je je narratief daardoor aan. Ik moet het nog erg tot mij door laten dringen."
Kruithof beseft dat de bevindingen genuanceerd liggen. "Het heeft meer tijd nodig om te bepalen wat dit betekent. Alles wat er te bewijzen is, staat in het rapport, maar er is ook heel veel bewijsmateriaal verdwenen. Als je het onderzoek leest, weet je dus dat je ook heel veel niet leest."

'Treurig, aangrijpend en confronterend'

In een brief gaat burgemeester Lucas Bolsius in op de uitkomsten van het onderzoek. "Treurig, aangrijpend en confronterend. Dit zijn emoties die wij voelen bij de feiten over de handelingen van de gemeente Amersfoort tijdens de Tweede Wereldoorlog en in de periode vlak erna." Bolsius stelt dat het gemeentebestuur van Amersfoort Joodse families onrecht heeft aangedaan door mee te werken aan de uitvoering van anti-Joodse maatregelen.
"Het is een pijnlijk en verdrietig rapport. De voorbeelden zijn voldoende grond om te concluderen dat de gemeente moreel laakbaar gedrag vertoonde. Tot in detail faciliteerde de gemeente een regime dat mensen stap voor stap isoleerde, uitsloot en uiteindelijk vervolgde."
Bolsius schrijft verder dat het college van burgemeester en wethouders samen met de Joodse gemeenschap op zoek gaat naar een passend antwoord. "Benoemen en erkennen van de pijn is onderdeel van het helingsproces."

In toenemende mate wordt de rol van gemeenten tijdens en net na de oorlog onder de loep genomen. Onderzoeker Maarten-Jan Vos heeft een grote kennis van de Holocaust. In 2011 startte hij al een onderzoek naar roof- en rechtsherstel. Nu verricht hij onderzoek voor een aantal gemeenten.

Vos begon medio februari 2022 met zijn onder zoek voor de gemeente Amersfoort. Een begeleidingscommissie is een aantal keer bij elkaar geweest en heeft de onderzoeksvragen geformuleerd.

Heb je een tip of opmerking? Stuur ons je nieuws via nieuws@nieuwsplein33.nl.