Nieuws

Biografie over omstreden kamparts: ‘Deze zwarte bladzijde hoort bij de geschiedenis van onze stad’

© Uit het boek: ‘Maar ik ben geen schooier‘
Amersfoort - Gepensioneerd huisarts Adriaan van Es en journalist Arjeh Kalmann doken de afgelopen vier jaar in het verleden van Nico van Nieuwenhuysen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij arts in Kamp Amersfoort en koos daar de kant van de Duitsers. Door het contact met een kleinzoon van de arts kregen de schrijvers toegang tot het familiearchief van Van Nieuwenhuysen. Daaruit kwam naar voren dat de kamparts zijn patiënten op een hondse manier behandelde: hij sloeg ze, schopte ze zijn kamer uit en had geen enkele compassie voor ze.

Hoe kennen jullie elkaar?

Arjeh: Adriaan was mijn huisarts en andersom werkte ik voor de lokale krant die hij las. Mijn kleinzoon en zijn zoon speelden vroeger voor dezelfde voetbalclub, waar we regelmatig samen langs de lijn stonden. We lulden vooral veel over de oorlog. Zoon en kleinzoon gaven ons weleens de kritiek dat we vergaten om ze aan te moedigen.

Hoe kwam het verhaal van Nico van Nieuwenhuysen op jullie pad?

Arjeh: Het verhaal is voor veel mensen onbekend. Ik had het al een tijdje op mijn radar. Zo heb ik ooit een artikel gemaakt voor een bijlage van een krant. Daar kwam deze arts ook in voorbij. Zijn verhaal intrigeerde me enorm. Het verhaal ging dat hij twee hoofden van vermoorde russen als een soort studieobject op zijn bureau had staan.
Adriaan: We zijn eens samen in Den Haag in het Nationaal Archief gedoken om meer over deze man te weten komen. In eerste instantie uit pure interesse. We hebben veel over hem gevonden, maar de belangrijkste gouden greep kwam via een contact van Arjeh. Zo zijn we met een van zijn kleinzoons, Nicolaas-John uit Amerika, in contact gekomen. Via hem hebben we enorm veel documenten en beeldmateriaal in ons bezit gekregen.
Arjeh: Toen werd het een groot project.
Kamparts Nico van Nieuwenhuysen en zijn twee zoontjes.
Kamparts Nico van Nieuwenhuysen en zijn twee zoontjes. © Uit het boek: 'Maar ik ben geen schooier'

Hoe was het voor zijn kleinzoon om mee te werken aan dit donkere verhaal over zijn eigen familiegeschiedenis?

Arjeh: Hij liep al langer rond met het idee om iets met zijn opa's geschiedenis te doen en hij wilde graag meewerken. Hij was net als wij heel nieuwsgierig en wilde begrijpen hoe het mogelijk is dat iemand die gezworen heeft om altijd het belang van de patiënt voorop te stellen zo'n radicaal andere keuze kan maken. Voor hem was het een nog zwaarder proces dan voor ons.
Adriaan: Het is erg dapper van hem hieraan mee te werken. Hij wilde bijdragen door in de openbaarheid te brengen hoe het destijds is geweest. Je ziet het ook in zijn beroepskeuze. Hij is psychiater in California en werkt daar met veteranen. We vragen hem in het boek ook of hij iets goed probeert te maken van wat zijn opa verkeerd heeft gedaan. Daar gaat hij bevestigend op in. Een andere kleinzoon van Nico is ook nog in leven, maar die wil niets met deze familiegeschiedenis te maken hebben. Hij heeft zijn achternaam zelfs veranderd.
Arjeh Kalmann
Arjeh Kalmann © Bibliotheek Eemland

Waarom is het belangrijk dat het verhaal van Nieuwenhuysen is opgeschreven?

Arjeh: Het is een zwarte bladzijde uit het verleden. Vaak zie je dat mensen hun hoofd wegdraaien bij dit onderwerp, maar het hoort toch echt bij de geschiedenis van Amersfoort.
Adriaan: Je krijgt door dit boek een klein gepersonaliseerd inkijkje hoe het voor de vrouw en zonen van deze foute man was om na de oorlog te leven. Wat deed het met de rechtspraak? Wat gebeurde er met hun bezittingen? Wat deed het met de scholen? Dat komt allemaal aan bod. Voor de oorlog was het een rijkeluisgezin en na de oorlog leefden ze onder een bewindvoerder.

Welke impact heeft dit deel van de geschiedenis op Amersfoort?

Adriaan: Het hoort bij de geschiedenis van Kamp Amersfoort. Een historicus die zich met de geschiedenis van Kamp Amersfoort heeft beziggehouden noemde het ooit een belangrijk hiaat. Dat is met dit boek nu ingevuld.
Arjeh: Kamp Amersfoort is onderdeel van de geschiedenis van Amersfoort, dat beseffen Amersfoorters zich nog onvoldoende.
Adriaan: We hebben via dit project een klein inkijkje kunnen krijgen in wat heet Het Nederland Beheersinstituut. Die beheerden goederen en eigendommen van foute Nederlanders na de oorlog. Maar dat was zelf ook een dubieuze club met veel corruptie ook in de afdeling Amersfoort. Hier zou een historicus nog eens in moeten duiken.
Adriaan van Es
Adriaan van Es © Bibliotheek Eemland

Hoe verhouden jullie jezelf, na het schrijven van deze biografie, tot de hoofdpersoon?

Arjeh: Ik ben altijd gefascineerd geweest door keuzes die mensen maakten in de oorlog. Dat heeft waarschijnlijk met mijn achtergrond te maken, want ik heb Joodse ouders. Dus die hebben in de oorlog zwaar geleden onder keuzes die anderen hebben gemaakt. Ik ben ervan overtuigd dat bijna iedereen gesteld in een bepaalde situatie verkeerde keuzes kan maken.
Adriaan: Wat ik als persoon merk: je komt heel dichtbij die hoofdpersoon, de keuzes die hij maakt en bij die familie. Ik ben zelf 35 jaar huisarts geweest in Amersfoort. Met alle specialisten eromheen is het een soort gemeenschap. Als deze zwarte bladzijde dan geen plek krijgt in die geschiedenis dan is er iets fundamenteel mis. Het is toch iets waar je naar moet kijken. Hij is een van ons. Dan kun je niet zeggen: sorry daar heb ik niets mee te maken. Dat vond ik een belangrijk motief om me er wel mee bezig te houden.
Trouwfoto van Nico van Nieuwenhuysen
Trouwfoto van Nico van Nieuwenhuysen © Uit het boek: ‘Maar ik ben geen schooier‘

Ontdekken we ergens in het boek ook een stuk menselijkheid bij hem?

Adriaan: We hebben een stukje menselijkheid ontdekt. Bij het proces-verbaal zijn al zijn mishandelingen en niet herkennen van ziektes aan de orde gekomen. We zijn op zoek gegaan naar ziektekaarten van gevangenen. Dat zijn kaarten met medische gegevens die dokters bijhielden over hun patiënten. In Kamp Amersfoort zijn die allemaal vernietigd. Sommige gevangenen zijn naar kamp Vught gestuurd. Daar hebben we wel oude ziektekaarten van gevonden waaruit bleek dat hij de ziektekaarten redelijk zorgvuldig bijhield.
Op 19 januari wordt het boek gepresenteerd tijdens de jaarlijkse herdenking in Kamp Amersfoort. Een paar dagen later staan de auteurs, op zondagmiddag 22 januari om 11.00 uur, in bibliotheek Eemland om door te praten over de vele ethische kwesties die naar voren komen in het boek. Het pand waar de arts ooit woonde bestaat trouwens nog steeds. Het is een opvallend wit notariskantoor aan de Utrechtseweg; Villa Meerwegen.
Mail ons!
Heb jij een tip of opmerking voor de redactie? Stuur ons een mail: nieuws@nieuwsplein33.nl!